Back

ⓘ Utrechtse sociale geografie



                                     

ⓘ Utrechtse sociale geografie

Utrechtse sociale geografie is de benaming voor de specifieke visie op de sociale geografie, die aan de Universiteit Utrecht is ontwikkeld sinds het begin van de twintigste eeuw.

                                     

1. Niermeyer

De basis voor de Utrechtse sociale geografie werd gelegd door J.F. Niermeyer 1866-1923 die in 1908 een leeropdracht aanvaardde in de statistisch-politische, de economische en de algemene aardrijkskunde’. Hoewel niet gepromoveerd, kon hij putten uit een grote belezenheid en veel ervaring met onderzoek op Java. Hij werd geroemd om zijn pedagogisch-didactische kwaliteiten.

Niermeyer was sterk georienteerd op de Franse géographie humaine en zijn belangstelling ging uit naar de relatie menselijke groep-natuurlijke omgeving. Bestaanswijze en welvaartsstreven van de sociale groep hadden voor hem prioriteit. Onderwijs in de koloniale geografie maakte een belangrijk deel uit van het lesprogramma. Zijn inaugurele rede in 1908 was geheel gewijd aan de regionale geografie van Nederlands Oost-Indie. Een tweede onderwerp waar hij zich mee bezighield was de economische geografie. Tussen 1913 en 1922 was hij ook buitengewoon hoogleraar aan de Rotterdamse Economische Hogeschool.

Na het overlijden van Niermeyer in 1923 was het enige tijd onduidelijk of de sociale geografie op leerstoelniveau in Utrecht vertegenwoordigd zou blijven. Mede door druk van studenten werd de leerstoel uiteindelijk gehandhaafd. Eerst werd de economisch geograaf Willem Boerman 1888-1965 benoemd, maar dat werd geen succes. Na anderhalf jaar kwam Louis van Vuuren 1873-1951 voor hem in de plaats.

                                     

2. Louis van Vuuren

Van Vuuren had carrière gemaakt in Nederlands Oost-Indie, eerst als militair en daarna als bestuursambtenaar. Van 1910-1922 was hij directeur van het Encyclopedisch Bureau in Oost-Indie, waar gegevens over het gebied werden verzameld en bewerkt. In 1922 werd hij benoemd tot lector koloniale landbeschrijving in Amsterdam. Van Vuuren omschrijft de sociale geografie als de concrete wetenschap, die de verschijnselen wil kennen, welke voortvloeien uit de relaties, welke er bestaan tussen de menselijke groep en het woongebied, waarin die groep zich georganiseerd heeft’. De relatie mens-natuur werd gerealiseerd in het productieproces en het startpunt voor de beschrijving van het menselijk welvaartsstreven was het cultuurlandschap. Van Vuuren heeft de Utrechtse sociale geografie een duidelijk toegepast karakter gegeven. Onder zijn leiding verschenen tal van structuurrapporten over de sociaal-economische situatie van gemeenten en gebieden in Nederland. Ze verschenen in een periode waarin de Nederlandse economie en daar niet alleen in een ernstige economische crisis verkeerde. Deze studies werden gekenmerkt door een combinatie van veldwerkgegevens, statistische data en gegevens verzameld door enquêtes. Zijn leerlingen produceerden degelijke regionale monografieen. Genoemd kunnen worden Ameland door Brouwer 1936, De Graafschap door Heeringa 1934 en De Veenkolonien door Keuning 1933. Deze en andere monografieen illustreren de invloed van de Franse geografie. Na de Tweede Wereldoorlog trok Van Vuuren zich terug. Als rector magnificus was hij door zijn houding tegenover de Duitse bezetter in opspraak geraakt. Hij werd in 1946 opgevolgd door Jan O.M. Broek, een leerling van Carl Ortwin Sauer. In 1948 vertrok Broek naar de Verenigde Staten.

Het gezicht van de Nederlandse sociale geografie in de periode 1946-1960 werd bepaald door Adriaan de Vooys, die Broek opvolgde in Utrecht en H.J. Keuning die vanaf 1949 de leerstoel sociale aardrijkskunde in Groningen bezette. Beide waren sterk georienteerd op de Franse geografie, maar verschilden tot dusdanig van elkaar dat een afzonderlijke behandeling noodzakelijk is. Aan het einde van de zojuist genoemde periode startte ook aan de Katholieke Universiteit van Nijmegen een universitaire opleiding sociale geografie 1958 met Ruud Cools als eerste hoogleraar. In 1961 kwamen de eerste studenten aan bij de Vrije Universiteit van Amsterdam, waar Marcus Willem Heslinga hoogleraar werd.

                                     

3. V.U.G.S.

De Vereniging van Utrechtse Geografie Studenten afgekort: V.U.G.S. is de studievereniging van de opleiding sociale geografie en planologie van de Universiteit Utrecht. Het is een van de oudere Utrechtse studieverenigingen, opgericht op 13 oktober 1922.

                                     

4. Zie ook

  • Sociale geografie Groningen 1950 - ± 1970
  • Sociale geografie Utrecht 1950 - ± 1970
  • Sociale geografie VU Amsterdam 1960 - ± 1970
  • Sociale geografie Nijmegen 1958 - ± 1970
Free and no ads
no need to download or install

Pino - logical board game which is based on tactics and strategy. In general this is a remix of chess, checkers and corners. The game develops imagination, concentration, teaches how to solve tasks, plan their own actions and of course to think logically. It does not matter how much pieces you have, the main thing is how they are placement!

online intellectual game →